Zijn onze militaire begraafplaatsen van God vergeten plaatsen ?

 

 

De foto’s, ik noem ze sfeerbeelden, die ik genomen heb van de verschillende militaire begraafplaatsen, werden genomen in de zomer en de herfst van 2012.

U vindt ze op het gedeelte van de website waar we de 21 Belgische militaire begraafplaatsen beschrijven. Neem daar ook gerust de sfeerfoto van Calais Nord bij, de Belgische militaire begraafplaats in Frankrijk. Die foto dateert van april 2013.

Op geen enkele van die foto’s staat een levend, warmbloedig mens. In die periode moest ik nooit wachten tot ik alleen was op een begraafplaats om zo’n foto te nemen. Ik was er altijd alleen.

 

Van de weinige contacten en gesprekken die ik er gehad heb, drie in totaal, vindt u een beschrijving onder de rubriek weetjes, statistieken en grafieken. Eén daarvan was dan nog met de mensen van de dienst oorlogsgraven van het IV NIOOO die op dat ogenblik werken uitvoerden in Halen. Zij waren daar beroepshalve.

 

Dikwijls heb ik mij afgevraagd waarom onze gesneuvelden, van beide Wereldoorlogen, zo weinig aandacht krijgen van onze bevolking. Ze hebben niet verdiend vergeten te worden want zij hebben door hun inzet, door het brengen van het offer van hun leven, gezorgd dat wij nu kunnen leven in een veiliger wereld. Het is natuurlijk ook enigszins te verklaren doordat de meesten van die soldaten gesneuveld zijn in de bloei van hun jeugd. Zij hadden nog geen kinderen, die op hun beurt zorgen voor kleinkinderen, enz...

 

Men kan slechts hopen, maar niet verwachten, dat het bezoek aan de graven van jonge, ongehuwde en dus kinderloze militairen, door de latere generaties van neefjes, achterneefjes, etc... tot honderd jaar na het sneuvelen van de betrokkene zou blijven gebeuren. Alhoewel, had ik het maar vroeger geweten.

 

Ik ben de achterneef van Pieter-Jan Van der Straeten, gesneuveld in Pervijze in december 1915, begraven in graf 126 te Adinkerke. Toen ik in 2012 het familieverband met Pieter-Jan vernam kon ik mijn oren niet geloven. Mijn vader was slechts zeven jaar jonger dan Pieter-Jan en zijn naam en status werden nooit vernoemd in onze familie. Sterker nog, geen van mijn nu nog in leven zijnde neven en nichten wisten van het heldendom van Pieter-Jan.

Dus heb ik het op mij genomen om deze toestand aan te klagen en is deze website ook een vraag om aandacht voor onze gesneuvelden.

 

En die aandacht is er ondertussen al. Toen ik begin juli (2014) klaar was met het Nederlandstalige gedeelte van deze website en de opstart ervan aankondigde met een mailtje naar de meer dan 350 heemkringen van Vlaanderen, kreeg ik binnen het uur een bericht van Rosette Dillen, voorzitter van heemkring “Norbert de Vrijter” uit Lille.

 

“Ik kan u zeggen dat wij met onze heemkring dit jaar in september de Belgische sector van het front zullen bezoeken met een bezoek aan de graven van onze dorpsgenoten (De Panne, Adinkerke, West-Vleteren, Hoogstade), er een bloemetje neerleggen en... ’The Last Post’ op klaroen zullen laten blazen.

Ook wij zijn erachter gekomen met ons zoekwerk n.a.v. ons volgende boek dat deze mensen een beetje meer tijd, een beetje meer aandacht en veel meer respect verdienen.”

 

Spijtig, het door de heemkring geplande bezoek kwam mij echt ongelegen, ik zou zo graag aanwezig geweest zijn op de militaire begraafplaats van Adinkerke om daar naar “The Last Post” te luisteren, maar op 6 september had ik andere verplichtingen.

Daarom deed het mij echt deugd toen ik op 18 september het reisverslag van de voorzitter ontving en vernam dat de reis een voltreffer geworden is. Dank u, mevrouw de voorzitter.

 

Het is dan ook met een waar genoegen dat wij op onze website plaats inruimen voor dat reisverslag.

 

Hebt u een gelijkaardige ervaring? Laat het ons weten. Denkt u aan zo’n daguitstap? Laat het ons ook weten.

We kunnen misschien niet alle reacties plaatsen maar we doen ons best.

 

Bent u op zoek naar gesneuvelden uit uw dorp of stad? Waarschijnlijk kunnen wij helpen. Wij hebben tenslotte meer dan 20.600 foto’s van hun graven.

 

 

 

 

 

Sluit tabblad/venster